[email protected] 2.1

U bent in menu 5. Nieuwsarchief

Broodkruimelpad

Home Waddenzee 2000 - 2008 ZEEHONDENVIRUS BEREIKT WADDENZEE

Nieuwsarchief Waddenzee 2000 - 2008

ZEEHONDENVIRUS BEREIKT WADDENZEE

Met distempervirus besmette zeehond
Met distempervirus besmette zeehond
Foto: Zeehondencreche

woensdag 19 juni 2002

DEN HAAG - Op Vlieland is de eerste zeehond gevonden met het zogenaamde phocine distemper virus, oftewel de zeehondenziekte. Dit virus is zeer besmettelijk voor zeehonden, maar is niet gevaarlijk voor de mens. De zeehond is op zaterdag 16 juni jl. gevonden door een medewerker van de Zeehondencrèche Pieterburen en overgebracht naar Pieterburen. Na virologisch onderzoek door Erasmus MC in Rotterdam bleek vandaag dat het inderdaad gaat om hetzelfde virus, dat sinds mei dit jaar slachtoffers heeft gemaakt onder de zeehonden in de Deense en Zweedse wateren. Omdat zeehonden 150 km op een dag kunnen zwemmen, was al verwacht dat het virus ook in de Waddenzee zou opduiken. Het virus is hetzelfde dat in 1988 voor grote sterfte onder de zeehonden in West-Europa heeft gezorgd. De zeehond van Vlieland is inmiddels dood gegaan. Hoewel het virus nu in de Waddenzee is aangetroffen, is er nog geen sprake van een epidemie. Hoewel het virus niet gevaarlijk is voor de mens, is het wel besmettelijk voor honden. De meeste honden zijn ingeënt tegen dit virus, maar het is belangrijk dat hondenbezitters dat zelf natrekken. Bezoekers wordt dringend geadviseerd uit de buurt te blijven van de zieke of dode zeehond en hun honden aangelijnd te houden. Zieke en vooral dode dieren kunnen verschillende ziektekiemen met zich meedragen, die wel de gezondheid van de mens kunnen aantasten.

Centraal meldnummer
Posters en flyers met daarop informatie voor het publiek zullen verspreid worden over de verschillende gemeenten en neergelegd op een groot aantal plaatsen, onder andere de veerboten. Ook staat daarop het centrale meldnummer waar mensen naar toe kunnen bellen als zij een zieke of dode zeehond zien. Daarnaast staat er een uitgebreide vraag & antwoord lijst op de website van het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij: www.minlnv.nl.
Vakantiegangers wordt opgeroepen om bij de zieke zeehonden vandaan te blijven. De dieren kunnen namelijk venijnig bijten. Mensen moeten uit de buurt blijven van aangespoelde dode en zieke zeehonden. Als zij een aangespoelde zeehond zien kunnen ze bellen met een speciaal meldpunt, dat wordt ingesteld als het virus inderdaad toeslaat. Deskundigen zullen de aangespoelde zeehond ophalen.

Met dierenartsen uit de gemeenten rond de Waddenzee en de Hollandse kust zijn afspraken gemaakt, wat ze moeten doen als een zieke zeehond aanspoelt. Ze zullen per zeehond bekijken of hij/zij reële kans heeft om te overleven of niet. In dat laatste geval zullen zij het dier een spuitje geven. In het eerste geval wordt de zeehond gebracht naar de opvangcentra Pieterburen of Ecomare. Daar wordt het dier verzorgd en gevaccineerd, zoals gebruikelijk is in de opvangcentra, en na genezing weer uitgezet in zee. De gemeenten zullen de aangespoelde dode zeehonden van de stranden halen.

Virus tast immuunsysteem aan
Het phocine distemper virus zorgt ervoor, dat het immuunsysteem van de zeehonden aangetast wordt. Dit maakt hen vatbaar voor ziekten, waardoor de kans bestaat dat ze overlijden, meestal als gevolg van longontsteking. Het virus wordt overgedragen door hoesten en heeft een incubatietijd van 10 - 14 dagen. Naar verwachting zal bij een epidemie hoogstens de helft van de 5000 zeehonden in de Waddenzee worden besmet. Hoewel de meeste van de besmette zeehonden zullen overlijden komt het voortbestaan van de populatie volstrekt niet in gevaar.

60 % mortaliteit ?
In 1988 brak het virus eerder uit in de Waddenzee. Dat kostte toen 60 procent van de zeehondenpopulatie, die toen veel kleiner was, het leven. Het virus is opgedoken op Anholt in het Kattegat in Denemarken en heeft zich vandaar verspreid richting Oostzee. Totaal zijn er ca. 350 dode zeehonden gevonden.
De dieren die de epidemie overleeft hebben en die nu nog in leven zijn, zijn immuun voor de ziekte. Zeehonden die uit de Zeehondencrèche te Pieterburen weer naar het wad zijn gebracht zijn eveneens immuun, omdat ze tegen de ziekte zijn ingeënt. Wel kunnen ze drager worden van de ziekte. De in gevangenschap levende zeehonden bij Ecomare op Texel zijn onlangs ook tegen de ziekte ingeënt.

De Zeehondencrèche te Pieterburen heeft een rampenplan klaarliggen. Er zijn bassins en quarantaineruimtes voor de opvang van zieke dieren. Ook staan diepvriesauto's klaar voor het vervoer van dode dieren. Vele vrijwilligers zijn stand-by. De crèche denkt plaats te kunnen bieden aan 250 zieke zeehonden.

Bron: o.a. Ministerie van LNV en Interwad

Lammert Kwant